Pasteurellose: beperk schade bij lammeren in de groei


Longontsteking bij opgroeiende lammeren: iedere schapenhouder heeft er wel eens mee te maken. Vaak wordt de ziekte veroorzaakt door de pasteurella-bacterie. Deze vorm van longontsteking staat beter bekend als zomerlongontsteking. Met een aantal gerichte maatregelen is schade door deze ziekte te beperken.

Pasteurellose is de verzamelnaam voor een aantal aandoeningen die worden veroorzaakt door de pasteurella-bacterie. Bij schapen gaat het meestal om de soort Mannheimia haemolytica. Deze bacterie, die tot voor kort nog Pasteurella haemolytica heette, komt voor in de neus- en keelholte van bijna alle schapen en lammeren. Vanaf het voorjaar tot in de herfst kan de bacterie problemen veroorzaken, vooral bij lammeren. Het hangt van een aantal factoren af, of het tot een pasteurellose-uitbraak komt. De ziekte kan zeer snel verlopen. Hierbij kunnen lammeren, die kort daarvoor nog gezond waren en geen verschijnselen zoals hoesten vertoonden, dood worden gevonden. In het verdere verloop van een uitbraak is longontsteking het meest voorkomende probleem. Via sectie kan worden bepaald of het inderdaad om een pasteurella-infectie gaat.

Meerdere types, één behandeling
Van Mannheimia haemolytica komen twee types (A en T) voor, die verschillende ziektebeelden veroorzaken. Het eerste type komt voor bij dieren van alle leeftijden en veroorzaakt vooral longontsteking.
De problemen door dit type zijn het grootst bij opgroeiende lammeren.
Het tweede type geeft vooral problemen bij oudere lammeren in de periode van september tot december. Aan het begin van een uitbraak worden weer één of enkele lammeren dood gevonden. Nog niet dood aangetroffen lammeren zijn erg benauwd en hebben bovendien neusuitvloeiing.
Oxytetracycline is één van de meest geschikte antibiotica om de lammeren te behandelen. Dit geldt zowel voor de behandeling van individueel zieke dieren als voor een koppelbehandeling.

Wanneer direct na het optreden van de eerste gevallen alle lammeren in het koppel twee keer met een langwerkende vorm van dit antibioticum worden behandeld, blijft de uitval beperkt. Bovendien blijven nieuwe gevallen vaak enkele weken achterwege. Helaas is bij sommige dieren die de ziekte overleven het longweefsel onherstelbaar aangetast. Ze kunnen dan minder goed ademhalen en zullen in groei achterblijven.

Beperk het risico
Een goed stalklimaat en een gesloten bedrijfsvoering beperken het risico van een uitbraak van pasteurellose. Daarnaast zijn veebezetting, weerstand en contact met andere schapen of lammeren van invloed. Ook het klimaat speelt een rol. Zo neemt bij slecht weer of bij grote schommelingen tussen de dag- en nachttemperatuur de kans op een uitbraak van de ziekte toe. U kunt de kans op pasteurellose verlagen door te vaccineren. Helaas biedt vaccinatie geen volledige bescherming, omdat vele factoren een uitbraak van de ziekte beïnvloeden. In ons land is alleen een gecombineerd vaccin tegen enterotoxaemie ('het bloed') én pasteurellose beschikbaar. Door de moederdieren goed te enten, zijn de lammeren ongeveer twee tot vier weken beschermd tegen pasteurellose en zes tot acht weken tegen enterotoxaemie, Om de lammeren daarna ook te beschermen tegen pasteurellose dient u ze te laten enten op een leeftijd van ongeveer drie weken. Voor een langduriger bescherming dienen ze vier tot zes weken later opnieuw te worden gevaccineerd. Uw dierenarts kan een vaccinatieschema adviseren dat bij uw bedrijf past.

dr. P. Vellema, Drachten
Alforja, 1 juni 2000
Kalverboxen | Kalveren | Kalvermelk | Kalveropfok | Melkpoeder | Sitemap