Pinkenrantsoen
Wanneer er een heel mooi en niet te vochtig rantsoen voor de melkkoeien aanwezig is, kunt u vanaf week 8 een klein beetje van dit rantsoen verstrekken aan de kalveren. Vanaf week 10 dient u dan de kalveren ook te laten wennen aan het pinkenrantsoen. Dit rantsoen (vooral gras) moet gewonnen zijn van een perceel waar de laatste snede voor het maaien niet geweid is (meikuil is daarom ideaal) ter voorkoming van Para-TBC. Hieruit blijkt dat lang niet al het ruwvoer geschikt is voor de kalveren.
Vanaf week 10 kunt u langzaam beginnen met het rantsoen die de pinken ook krijgen. Het is belangrijk om deze kuil zo droog mogelijk (50% droge stof) en niet te fijn te winnen, liever iets te grof. Is uw pinkenrantsoen niet structuurrijk genoeg, dan is het verstandig pinkenrantsoen te mengen met stro, hooi of luzerne.
De krachtvoergift voor de kalveren tot een half jaar is 2 kg brok per dag. Vervolgens dient dit afgebouwd te worden tot 0 op een leeftijd van 8 maanden. Eventueel kunt u ze nog een klein beetje voeren tot ze insemineren. Echter zorg ervoor dat uw kalveren niet te vet worden, dit houdt een goede ontwikkeling in hoogte maat, een goede pensontwikkeling en een snelle dracht tegen.
Vanaf het moment van insemineren, is het niet meer nodig om enige vorm van krachtvoer te verstrekken. Dit komt alleen maar ten nadele van de ontwikkeling van de dieren. Het zal alleen uw dieren vervetten wat weer ten nadele komt van het op gang komen van de melkproductie en daarvoor is het te kostbaar.
|